Ode aan De Fikser
Met ruim 8,5 miljoen inwoners is Andalusië de dichtstbevolkte regio van Spanje. De meeste mensen wonen in steden en aan de kust, het binnenland is zeer dunbevolkt. Terwijl veel traditionele, afgelegen dorpen nog steeds bevolkingsdaling en vergrijzing zien, trekt een toenemend aantal, veelal buitenlandse nieuwkomers, naar bepaalde delen van het binnenland.
We zijn nu 29 dagen, waarvan 22 stapdagen, onderweg, en hebben 431,5 kilometer afgelegd. Dagelijks zetten Hannah en Khaan het traject van de volgende dag of dagen uit, wat niet altijd evident is, en wat ze met grote zorgvuldigheid doen. Op de kaart wordt ‘een speld’ geplaatst. Wie eerst ter plaatse is, meestal Hannah, zoekt dan een geschikte kampeerplaats. Altijd zijn we blij verrast met het uitgekozen stuk grond om te overnachten. Uiteraard proberen we toestemming te vragen, maar dikwijls is er, buiten een kat, niemand te zien. “Er is geen kat te zien”, bestaat trouwens niet letterlijk in het Spaans. Wel zeggen ze, “no hay ni cuatro gatos” wat me niet verbaast gezien het binnenland dichter bevolkt lijkt met katers en kattinnen van allerlei allooi, dan met mensen.
Rond de dorpen en aan de randen van stadjes - steden vermijden we - zijn velden, akkers en boomgaarden met zichtbare zorg onderhouden. Wij kamperen met toelating ván, of, ons aangewezen dóór, een plaatselijke boer of dorpeling, op ongeploegde gronden en tussen ongesnoeide bomen. Deze verwilderde terreinen zijn van rijke mensen uit Granada, Barcelona of een andere grote stad, “no pasa nada”. Ze lijken me niet jaloers of afgunstig op de rijkdom van de, ooit, naar de steden uitgeweken dorpsgenoten. Graag maak ik een praatje met deze uitermate gereserveerde, vriendelijke en behulpzame Andalusiërs. Voor velen is de oogst van olijven, amandelen en of andere gewassen een aanvulling op een laag loon of klein pensioen.
Een enkele keer word ik uitgenodigd om de overwoekerde randen van de oude man zijn moestuin te snoeien. “Buena comida por el caballo”, herhaalt hij meermaals enthousiast, weigeren heeft geen zin! Veel energie en goesting, om al te lang krom te staan, heb ik niet, na een vermoeiende dag ‘slenteren’, langs, te veel, geasfalteerde “carreteras”! Sia vertraagt aanzienlijk op harde ondergronden. Mijn ondertussen geoefende, naar paardeneten speurende oog, is niet overtuigd dat ze hier ook maar iets van zal eten, wat later wordt bevestigd. Terwijl Pépé me hevig supporterend aanmoedigt om zijn berm te onderhouden - hij noemt alle Belgische voetballers die in Spanje spelen bij naam - duwt hij me een uitgedroogde, harde krop sla, in de met onkruid overladen armen. De berg groen belemmert me het zicht, en moeizaam navigerend op het oneffen terrein, baan ik me struikelend een weg terug naar onze nederige nederzetting.
We wandelen gemiddeld 19,5 kilometer per dag, en de weinige dorpen die we passeren, hebben lang niet allemaal een supermercado, een panaderia of een carniceria. Vers gras of andere gewassen en water voor Sia zijn in sommige gebieden, schaars of niet aanwezig. We zijn dan ook zeer blij en uitermate dankbaar, wanneer we in de vroege of late middag, den Disco met aanhanger zien opduiken. De twintig jaar oude Landrover Discovery wordt, ondanks of omwille van zijn gebreken en sporadisch mechanisch falen, liefkozend, den Disco genoemd. De oude, robuuste, getunede paardentrailer herbergt, onder andere, 10 tallen kilo’s paarden- en mensen ‘voer’. Het is geen sinecure om met dit uit de kluiten gewassen vehikel, de smalle, bochtige en steile wegen van de desolate sierras, te overwinnen. Mijn moedige vrouw doet dit alsof ze nooit anders heeft gedaan!
Fikser Hannah!
Volgens mij heeft ze een extreem ontwikkeld ‘zorgorgaan’ waardoor ze deze functie als geen ander bekleedt, ze haalt dagelijks alles uit de kast én de supermercado, om ons bij aankomst op chips en limonade te trakteren. De kleine beschikbare ruimten puilen uit met groenten en fruit, onze super-de-luxe koelbox is ‘next level Tetris gewijs’ ingeladen met koel te bewaren etenswaar, de 100 liter water, verspreid over 4 bidons, wat heel wat sleurwerk vereist, zijn volgetankt. Meermaals per week, wanneer de zon onderschaduwd wordt door grote of kleinere wolkenmassa’s en de zonnepanelen werkloos naar de lucht staren, steekt ze extra energie, zorg, en sleurwerk in het, ‘ergens’, opladen van de zware batterij.
Om de paar dagen, wanneer sokken en onderbroeken opgesoupeerd zijn, sleurt ze vele kilo’s onwelriekend wasgoed richting een openbaar waslokaal, om terug te keren met naar goedkoop wasproduct ruikende kleren. De moderne wasmachines spugen bij elke wasbeurt een voorgeprogrammeerde dosis zeep met het nodige geroffel de trommel in, waardoor we onze eigen ecologische, dermatologische en dure plastic fles zeep, voor piet snot, meesleuren. Verder kwijt ze zich vol overgave aan, afwassen, was ophangen, groenten snijden, koffie en thee zetten, garages bellen, routes uitstippelen, filmpjes maken en posten, en het organiseren en reorganiseren van het kampement, om vervolgens liefst voor het donker de smalle slaapzak in te kruipen.
Wat zonder onze trouwe, onbaatzuchtige fikser een heuse expeditie zou zijn, wordt door haar tomeloze energie en toewijding, voor ons, “a walk in the park”!